familie Brandsma uit Ugoklooster

 

Geschiedenis

Henk en Lamkje zijn in 1984 begonnen te boeren op Ugoklooster. Op het bedrijf werd daarvoor geboerd door drie voorgaande generaties Brandsma’s.

In 1887 hoorde Klaas Hendriks Brandsma, van Fockemaoord bij Gaast, in Den Hof van Holland aan de Dijkstraat te Bolsward dat de boerderij te verpachten was. Vervolgens is hij per nachtboot via de Lemmer en Amsterdam naar ‘s Gravenhage gereisd om van de familie Dorhout Mees de boerderij te pachten.
De ‘pleats’ is in 1870 gebouwd. In die tijd hoorde er 100 pondemaat land bij wat 36 ha is.
Bij het land horen ook twee percelen, ‘eerste en tweede terp’ waarop vroeger een klooster heeft gestaan. vandaar de naam Ugoklooster.

Tot ongeveer 1900 is de melk op de boerderij verwerkt tot boter en kaas. Met de opkomst van de zuivelfabrieken is de melk in bussen per boot naar de Hollandiafabriek te Bolsward gebracht. Met de boot was de beste optie omdat er geen goede begaanbare wegen naar de boerderij leiden. Pas in 1975 is er een betonweg aangelegd hierdoor kon de melk over de weg worden vervoerd. In 1980 is er een melkkoeltank aangeschaft. Vanaf dan wordt de melk om de 2 tot 3 dagen opgehaald met de melktankwagen.
In 1988 wordt er een ligboxenstal gebouwd voor onder andere de besparing van arbeid. In 1988 wordt de bedrijfsvoering door Henk en Lamkje ook omgezet naar Biologisch Dynamisch ofwel BD.

Bedrijfsgegevens
Bij het bedrijf behoren inclusief sloten 45 hectare land, zonder sloten 43,56 hectare.
Globaal worden op het bedrijf 55 melkkoeien gemolken en zijn er 15 pinken en 18 kalveren aanwezig.
Er zijn 25 fokschapen(vlees). De lammeren worden in het voorjaar aan biologisch slager verkocht. Slager ‘de groene weg’ verkoopt het vlees op verschillende locaties in het land. De schapen dienen ook voor weideverbetering. (schapen eten ander gras dan koeien, wat de koeien laten staan, eet het schaap).

In de zomer wordt al het vee dag en nacht geweid. Voor het melken worden de koeien thuis gebracht. In totaal wordt er per jaar ruim 300.000 kg melk gemolken. De productie per koe is 6700 kg per jaar. Het rantsoen van de koeien bestaat zomers uit gras, klaver aangevuld met een klein beetje krachtvoer.
In de winters bestaat het rantsoen uit graskuil, aangevuld met krachtvoer en gedroogde grasklaver brokjes. De aangekochte hoeveelheid krachtvoer is ca. 35 ton per jaar. We denken erover om in de herfst nog wat meer grasklaver te laten drogen voor de vervanging van het krachtvoer.

Met het ministerie van LNV is een contract gesloten voor weidevogelbeheer. De zogenaamde ‘vliegende hectares’. Dit contract houdt in dat er van 1 april tot 15 juni niet gemaaid wordt op de afgesproken percelen. Totaal valt 17,5 ha. onder dit beheer. De weidevogels hebben hier meer (door de beschutting van het hoge gras) gelegenheid om hun eieren uit te broeden en hun jongen groot te brengen. Bij de percelen zonder vliegende hectares worden de nesten met nestbeschermers beschermd. De vogelwacht zet stokjes bij de nesten. Bovendien telt de vogelwacht het aantal broedsels. Er zijn kievieten, grutto’s, tureluurs, scholeksters, wulpen, leeuweriken, futen, meerkoeten, knobbelzwanen, eenden. Bovendien broeden in de boerderij en in de bomen rond de boerderij boerenzwaluwen en vleermuizen.

Huisvesting in de winter
De koeien worden in de ligboxenstal gehouden. De pinken en kalveren in een z.g. potstal in de schuur. Het stro voor deze potstal wordt opgestrooid en aan het eind van de winter is de potstal 1,5 meter hoog. De mest van deze potstal is nodig om het land te bemesten. Vaste mest is goed voor het bodemleven.
Om een beter toezicht op de koeien tijdens het kalven te hebben zijn ze zoveel mogelijk in de schuur in het stro.
Ook het stro moet van biologische afkomst zijn. Het stro van dit bedrijf komt van een biologisch bedrijf uit de Flevopolder.

Arbeid
Het dagelijkse werk zoals veeverzorgen en melken doet de boer. Sinds 2007 melken we met een robot. Daardoor hebben we meer tijd voor ons gezinsleven, en de koeien kunnen zelf beslissen hoevaak en wanneer ze gemolken willen worden. Maaien, schudden en wiersen is in eigen beheer. In de zomer wordt het loonbedrijf ingehuurd voor het maken van kuilrollen, het bemesten van het land met vaste en vloeibare mest en het hekkelen.

Toekomst visie
In 2000 is met de aanleg van de betonreed vanaf de rondweg in de toegankelijkheid van de boerderij aanzienlijk verbeterd. Daarvoor was er een reed over Hartwerd.

De ruilverkaveling heeft meegeholpen de landerijen rond de boerderij te laten komen. Momenteel volgen de kinderen opleidingen aan de WUR (Wageningen Universiteit Research). We denken dat met de keuze voor biologische bedrijfsvoering een stap in de goede richting is gezet. Er bestaat dus een mogelijkheid dat zij de boerderij in huidige of een uitgebreidere opzet zullen voortzetten.